

Ik ben Jhona en ik ben 17 jaar. Ik woon alweer bijna drie jaar in een opvanghuis. Toen mijn moeder overleed was ik 12. Mijn vader heeft me misbruikt. Daar moest ik elke keer enorm om huilen. Na twee jaar heb ik het eindelijk aan mijn tante durven vertellen. Zij heeft mij en mijn jongere broertje aangemeld bij maatschappelijk werk. Helaas heeft mijn tante geen geld om voor ons te zorgen. Daarom zijn we naar een opvanghuis gegaan. Mijn vader zit in de gevangenis.
Het gaat nu goed met mij. Ik speel graag piano en vind het leuk om naar school te gaan. Ik wil later graag advocaat worden.

Ik ben Pradep. Toen ik zeven jaar was, ben ik van huis weggelopen. Mijn vader heeft mijn moeder in brand gestoken, en toen ben ik gevlucht. Ik wil mijn vader echt nooit meer zien. Ik leef en slaap nu op straat. Met mijn vrienden verzamel ik papier dat op straat ligt. Daarvoor krijg ik 20 roepies per dag. Daar koop ik dan eten voor.
Lucy is doof geboren en is lichamelijk gehandicapt. En dan heb je als kind in Congo eigenlijk geen leven. Ze woont met haar ouders in een sloppenwijk in Kinshasa. Haar ouders zijn erg arm en daardoor kon ze niet naar school. Jarenlang zat Lucy binnen, in het donkere hutje van haar ouders. Nu volgt ze speciaal onderwijs. Ze leert hoe ze zichzelf beter kan redden. Ook haar ouders krijgen voorlichting, zodat ze beter weten hoe ze met Lucy moeten omgaan.

Ik ben Joy en woon sinds een jaar bij het opvanghuis Cribs. Als mijn moeder overdag werkte misbruikte mijn vader mij. Mijn moeder geloofde me niet toen ik dat vertelde. Toen heb ik het aan mijn tante verteld. Mijn vader is spoorloos verdwenen omdat hij bang is in de gevangenis terecht te komen. Nu woon ik dus in het opvanghuis. Het is nog onduidelijk hoe lang ik hier kan blijven. In ieder geval ben ik nu veilig. Ik ga nu naar school, sport en ik heb veel vriendinnen. Als ik ouder ben wil ik graag ambassadeur worden om zo andere kinderen te helpen.
Ik ben Gabriël en ik woon sinds kort in het opvangcentrum van Benposta. Daarvoor sliep ik onder een brug, samen met mijn vrienden. Om te kunnen overleven heb ik mensen beroofd. Ik leerde zakkenrollen van een oudere jongen. Ik snoof ook regelmatig lijm, zodat ik mijn honger even kon vergeten,. In het opvangcentrum leer ik lezen en schrijven.

Ik ben Pretty en sta hier rechts op de foto met mijn vriendinnen. Wij leven op het treinstation van Vijayawada. Ik snuif lijm. Dat is een manier om eventjes aan het harde leven hier te ontsnappen. Ik ben dol op chocola en kauwgum.
Overdag verkleden we ons als jongens om een dagbaantje als vuilophaler te bemachtigen. Mijn vriendin heeft zelfs haar haren afgeknipt om meer op een jongen te lijken.
Ik heet Ronaldo en ik woon in een sloppenwijk in Recife. Er is hier geen riolering en geen schoon drinkwater. Ik ben verslaafd aan drugs en zwerf iedere dag rond, want ik heb geen werk en ga ook niet naar school. Ik ga binnenkort twee dagen naar de boerderij van de organisatie Grupo Ruas e Praças. Ik ga daar een speciaal programma volgen. Als die twee dagen goed gaan, mag ik voor langere tijd naar de boerderij.
Ik ben Ravi. Ik ben geboren in Tuni, een klein dorpje in India. Ik heb een zusje van 9 jaar. Ik ben zelf 11 jaar. Mijn vader is 2 jaar geleden bij een ongeluk overleden. Omdat we toen geen geld meer hadden, kon ik niet meer naar school toe.
De nieuwe man van mijn moeder wilde niet voor mij zorgen. Toen ben ik naar de grote stad gevlucht. Daar heb ik over straat gezworven en gebedeld.